Sinds 2011 werk ik aan een stripboek over de ervaringen van militairen en veteranen uit mijn woonplaats, die tussen 2001 en 2010 in Afghanistan hebben gediend.
Wat maak je mee tijdens een uitzending? Hoe kom je ervan terug. Op deze blog houd ik het proces bij en plaats ik teasers en indrukken van het boek. Uitgavedatum staat nog niet vast maar houdt daarvoor deze blog in de gaten.

dinsdag 22 januari 2013

MB 290

Schets voor een pagina met 3 type MB's type 290. Ik overweeg er quotes bij te plaatsen met betrekking tot de ervaring met de voertuigen.
Enigzins vergelijkbaar met de pagina over uniformen in het verhaal: "Het gaat erom dat je zo goed mogelijk je werk kan doen"

Brengt de huidige tussenstand op 60 pagina's.

vrijdag 11 januari 2013

Troops in Contact

Teaser!

Wat is je reactie wanneer de kogels je om de oren vliegen?
Hoe hard giert de adrenaline door je lijf bij een vuurgevecht?
Kun je je iets voorstellen van de omvang van een vuurcontact,
waarbij ondersteuning is van mortieren, pantservoertuigen en apaches?

Alle afbeeldingen  © Jules Calis

donderdag 10 januari 2013

Inspirerende Meesters (3)

Joe Sacco

De laatste in een serie blogs over, voor mij, inspirerende meesters. Een ranglijst is het niet. Elke striptekenaar is goed op zijn manier. Maar ik wil afsluiten met Joe Sacco. Joe Sacco is als journalist onder andere in Bosnie, Irak en de Palestijnse gebieden geweest. In plaats van geschreven artikelen maakte hij strips van zijn reportages. En in de meeste gevallen zijn dit boekwerken geworden van ruim 200 pagina's. Centraal staan bij hem de mensen en hun ervaringen met wie hij spreekt. Gruwelijke taferelen gaat hij niet uit de weg en  verbeeld hij op aangrijpende wijze.


Verhaaltechnisch is Sacco erg sterk. Wanneer hij te werk gaat schrijft hij de verhalen eerst helemaal uit, zodat duidelijk is wat verbeeld moet worden en wanneer dat pas goed is werkt hij ze uit. Een werkwijze die ik vanaf het begin van het project ook heb gehanteerd.
Een verhaal uit Safe Area Gorazde bijvoorbeeld. Over een sigarettenmerk (Drina) dat in Bosnie tijdens de oorlog veel gerookt werd. Het verhaal begint over de rivier Drina, die door het stadje Gorazde stroomt, waar het merk naar vernoemt is. Stroomopwaarts werden vaak lichamen van vermoorde burgers in de rivier geworpen en die kwamen dus ook langs het stadje. De rokers komen in beeld en vertellen dat het helemaal niet zo'n goede sigaretten waren maar er was niets beters. En dat men het er maar mee doet. De rokers komen nog 1 keer in beeld met in de tekstvakjes 'Drina'. De laatste plaat is een plaatje met lijken in de rivier. Het is natuurlijk niet te doen dit zonder beeld te beschrijven, maar de opbouw naar het laatste plaatje is zo subtiel opgebouwd en confronteert dan keihard de lezer.

Ook Sacco plaatst zichzelf als personage in zijn strips. Altijd met een bril op waarbij zijn ogen niet zichtbaar zijn. Ik vat het op als een zo objectief mogelijke kijk, en een middel om de lezer echt mee te nemen in het verhaal. Alsof de lezer Sacco is en zelf de interviews doet en plaatsen bezoekt.


So I think if you have yourself in the story, then you can really show human interaction in a better way, and that’s kind of what it’s about, especially if you’re a foreigner. You’re a foreigner in their land, there’s going to be a gap, and you want to explain that gap and you want to show it. Hopefully it works for the reader.
I know people will say it’s not objective and I agree — it’s subjective. But I’m also trying to be honest about what I’m portraying. So if there’s something that rubs me the wrong way, or even doesn’t mesh with my own political ideas, or my own take on a situation, I still want to put it in because you want to be honest if you’re in a place like that. That’s why you’re there — it’s to be honest for the readers’ sake.

- Picking through the rubble of memory, A conversation with comics journalist Joe Sacco — part two
by Ezra Winton on December 13, 2010

Ikzelf maak ook gebruik van de vorm waarbij het interview terugkomt in de strip. Het benadrukt in mijn geval dat de verhalen echt verteld zijn en niet slechts verbeelde verhalen. Het is tevens de herbeleving van de personen die ik in beeld breng. In sommige gevallen komt het interview niet terug en zijn het alleen beelden van momenten in Afghanistan. Wanneer ik de verhalen uitwerk bepaal ik uiteraard wat voor beelden en taferelen ik ga uitwerken maar bepaal ik ook de tempo van het verhaal. Verhalen die een behoorlijk tempo hebben, bevatten minder plaatjes van het interview.
Een vuurgevecht dat ik deze maand heb uitgewerkt heeft vrijwel geen plaatjes van het interview. Het is een spannend verhaal en daar moet je niet het tempo uithalen als het loopt.

Giraud en Kubert maken stoere en spannende verhalen. Sacco komt met aangrijpende verhalen en daar zit niet altijd actie in. Kriek was een van de eersten die ervaringen van Nederlanders vorm gaf met striptekeningen.
Alle vier hebben deze tekenaars mij op hun manier geïnspireerd. De landschappen van Giraud, de actie van Kubert, de aangrijpende factor van Sacco en Kriek die de eerste aanzet gaf.

Elk verhaal is zijn eigen verhaal en vereist zijn eigen vertelwijze en vormgeving/lay-out. Een bermbomaanslag of een zelfmoordaanslag zijn gruwelijke gebeurtenissen. Een vuurgevecht is erg spannend, dat is een verhaal dat ik ook een enigzins stoere uitstraling heb gegeven. Hoe dan ook! Het gaat erom dat het verhaal overkomt op de lezer. Maar als maker ben ik ervan overtuigt dat hoe meer je weet van de werking van strips, des te beter weet je hoe je je onderwerp kan communiceren.


maandag 31 december 2012

Laatste plaat van 2012

Een kleine summary! Juni 2012 afgestudeerd aan de WdKA met als project een stripboek over de ervaringen van militairen en veteranen uit Dongen in Afghanistan. Na het afstuderen heb ik het zeker drie maanden laten rusten en heb ik het uiteindelijk weer opgepakt door verhalen na te lopen en eventueel waar nodig te verbeteren. (Zie november). Soms ingrijpende veranderingen en soms ook maar een paar plaatjes op 1 bladzijde.
Daarnaast worden er ondertussen ook weer nieuwe verhalen geschreven. Zo ook een verhaal van een heftig vuurgevecht. Met dit verhaal erbij telt het boek al 56 pagina's. Onderstaande afbeelding is de 4e plaat van het verhaal.

4e plaat van "Troops in contact". Het peloton maakt zich gereed te vuren.
Ondertussen wordt er vooruit gekeken en mogelijkheden verkent om in 2013 tot een eerste uitgave te komen. Meer daarover volgend jaar.

Een ieder het beste voor 2013 en tot volgend jaar!

woensdag 19 december 2012

Inspirerende Meesters (2)

Ongeveer twee jaar geleden broeiden de plannen voor het maken van een strip over Nederlandse militairen in Uruzgan. Een half jaar later was het weliswaar Afghanistan geworden en niet alleen militairen die dienden in Uruzgan.
Die eerste periode moest ik er zeker van zijn dat er toch echt nog geen strip was over Nederlanders in Afghanistan. Daar twijfelde ik nog aan aangezien er in het boek Task Force Uruzgan (2009), illustraties door Erik Kriek waren verzorgd en ik begon te twijfelen of er dus al een strip was.

Bron: http://gutsmanblog.blogspot.nl
De illustraties waren speciaal voor het boek verzorgd. Op de gutsmanblog geeft Kriek er wat uitleg bij. Eigenlijk was Kriek ook een van de eerste die me inspireerde tot het maken van de strips.

In Stripantiquariaat Lambiek voerde ik ook zo'n controle uit of er echt nog geen strip was. Dat was een van de weinige winkels die een strip over Nederlanders in Afghanistan zou kunnen hebben. Maar daar ook niet! Lambiek is een winkel om je als stripliefhebber eens goed te laten verrassen met welke strip je uiteindelijk de deur uitloopt. En dat was die dag 'Dong Xoai, Vietnam 1965', door Joe Kubert.

Bron: boeken.tsuk.org
Joe Kubert is vooral bekend van zijn werk bij DC-Comics en als maker van Sgt. Rock. Heel veel actie en combat verhalen en Dong Xoai 1965 is daarop geen uitzondering. Een fictief verhaal (gebaseerd op ware gebeurtenissen) over Amerikaanse Special Forces in Vietnam. Het was niet zozeer het verhaal, maar de tekenstijl die me aansprak. 

Bron: http://www.vertigocomics.com
Het boek is meer een kijk op hoe Kubert te werk gaat in plaats van een compleet werk. Het artwork is een losse, rauwe schets stijl alsof een oorlogstekenaar er op dat moment bij was tijdens het conflict. Dat maakt het erg authentiek en energiek. 
Qua verhaal kan ik het niet aanraden. Het heldhaftige wordt zwaar uitgebuit en overdreven vanuit een Amerikaans perspectief. Oorlog wordt verheerlijkt en dat gaat er bij mij niet in.

Een meesterwerk van Kubert zowel in artwork als verhaal is 'Fax From Sarajevo'.


Een non-fictie werk gebaseerd op briefwisseling d.m.v. fax tussen Kubert en Ervin Rustemagić, strippromoter uit Bosnië. Rustemagić was ten tijde van het beleg in Sarajevo en het enige contact met de buitenwereld was een faxapparaat. Kubert vond het een verhaal dat mensen moesten weten en sloeg daarmee een heel andere richting in met zijn werk.


Het heldhaftige van de oorlogs- en superheldenstrips werd verruild met het leed van burgers, maar wel getekend in dezelfde stijl. Dit maakt het een overtuigend en erg sterk werk.

Als ik er met de kerstdrukte aan toe kom, dan volgende week weer een meester. En anders toch een weekje later.

maandag 10 december 2012

Inspirerende meesters (1)

Ok. De huidige stand van zaken is in totaal nu 50 bladzijdes. Veertien pagina's moeten nog op verbeteringen nagekeken worden en een verhaal over een vuurgevecht moet nog geheel geïnkt worden. Weliswaar wil ik nog meer opmerkelijke verhalen toevoegen en daar volgen later ook zeker up-dates over.

Nu volgend zo nu en dan ook wat blogposts over inspirerende meesters. In deze blogpost Jean Giraud/Moebius. Maker van onder meer Blueberry.

Aan het begin van het project had ik maar vrij weinig ervaring met maken van strips. Tekenen had ik ook al vele jaren niet meer gedaan, maar ik had me toch een doel gesteld voor het eindexamen, namelijk het realiseren van een stripboek. Toegeven, in de winkels kun je genoeg materiaal vinden over hoe je moet striptekenen, maar op twee van dat soort boeken na heb ik er weinig aan gehad. Niettemin heb ik in een half jaar mezelf geleerd hoe je strips moet opzetten. Niets moet natuurlijk maar wat basisbeginselen vind ik toch essentieel als je het striptekenen ook serieus wilt nemen. Uiteraard heb ik ook mijn begeleiders gehad. Zo heb ik veel baat gehad aan de tips van Peter Delwel (docent aan de WdKA) over het opzetten van een scenario en wat belangrijk is voor een verhaal te vertellen.

Joop Swaans uit Breda, creatief therapeut van beroep maar wat een kennis heeft die man van strips, verzorgde een uitstekende een-op-een coaching waarbij camerastandpunten, tekstballonnen, indeling van pagina's, verhoudingen van kaders, en nog veel meer werd behandelt.
En hij liet me ook kennis maken met het werk van Jean Giraud (Moebius). Studiemateriaal voor mij werden 'Ballade voor een doodskist', 'Vogelvrij verklaard' en 'Angel Face' van de Blueberry-series.

bron: http://assets.catawiki.nl/
 Vooral onderstaande sequentie is ontzettend goed opgezet. Slecht voorbeeld wegens het vrouwonvriendelijke karakter. Maar toch. De betreffende dame werkt Mike Blueberry al gedurende een aantal bladzijdes op zijn zenuwen aangezien ze maar bezig blijft over een schat. Voor deze sequentie werkt Giraud nog met geel, paars en rood. Maar het gifgroene (van de irritatie zou ik aannemen) versterkt de klap die Blueberry uiteindelijk uitdeelt.

Bron: http://www.stripspeciaalzaak.be
Qua scenery was Giraud ook een meester. Zijn wijze van woestijnen, wildernis en woestenij opzetten inspireerde me weer voor de sceneries voor de Afghanistanstrips.

Bron: http://www.stripturnhout.be
Volgende week een Amerikaanse meester.

Check voor nog meer informatie over Giraud en het werk aan Blueberry: http://www.stripspeciaalzaak.be/Toppers/FransenTop/26_Blueberry15.htm



donderdag 22 november 2012

Terug naar het project

“And we're ON! Again!” Het project loopt WEER! Ondertussen heb ik na wat opdrachten weer een volle maand aan het project kunnen besteden. 3 maanden heeft het kunnen rusten en kon ik er weer met frisse blik aan beginnen. Werkzaamheden bestonden allereerst uit alle strips plaatje voor plaatje kritisch nalopen. Wat werkt wel? Wat werkt niet? Komt het plaatje in verhouding tot het verhaal goed tot zijn recht? Zit dat tekstvak niet teveel in de weg? Kan onbenutte ruimte in een plaatje niet anders ingezet worden? Zit het verhaal wel goed in elkaar? Is het te lang? Is het te kort? Etcetera Etcetera.

Verbeteringen kunnen heel subtiel zijn, alleen wat retoucheren, maar soms is het toch een hele aanpassing van een deel van een pagina. Zoals de laatste bladzijde van 'Het kan een ander altijd gebeuren maar jou niet'.

Oude versie (met tekst) en nieuwe versie blz. 6 'Het kan een ander altijd gebeuren maar jou niet'
 
De rijrichting van de voertuigen in het laatste plaatje, klopt in de eerste versie eigenlijk niet. De leesrichting is van links naar rechts dus is dat voor de voertuigen ook logischer. Tenslotte is een groot shot een veel betere afsluiter dan een klein plaatje. En alsnog alle plek om de tekst kwijt te kunnen.

(Tekst was in de eerste versie overigens met tekstbewerking geplaatst. Tijdens het afstuderen was ik daar wegens tijdgebrek niet aan toegekomen om met de hand te schrijven. Vanzelfsprekend wordt dat voor de volgende versie wel verzorgd.)

Soms is het ook mogelijk dat een verhaal ingrijpend veranderd wordt. Met bijvoorbeeld 'Toch maar rustig oppakken' is dat het geval. De eerste versie heeft te weinig opbouw om dat moment van irritatie, door irritante vragen, goed te vangen. Het verhaal is deels herschreven en telt nu 7 pagina's in plaats van 5.

Als het ook daadwerkelijk uitgebracht dient te worden, moet het wel in 1 keer goed zijn.

Dat het project weer van start is betekent ook dat het bloggen weer is begonnen. Binnenkort een blog over inspirerende strips en die ik intensief heb bestudeerd voor en tijdens het project.